Nagelkruid (knikkend)
Lid

In een westerse democratie kan men van allerlei organisaties lid worden: verenigingen, politieke partijen, klantenkringen en discussiefora. En ook van kerkgenootschappen en christelijke gemeenten. Volgens de meeste gelovigen is het lidmaatschap van een godsdienstige organisatie buitengewoon belangrijk. Om lid te kunnen worden moet men instemmen met een confessie of zich onderwerpen aan rituelen (kinderdoop of volwassenendoop, vormsel of openbare belijdenis). In de samenleving neemt het aantal mensen dat hiertoe bereid is af. Evenals het ledental van bijna alle politieke partijen.

Het is opvallend dat gelovigen het lidmaatschap van een "kerk" of een "gemeente" verplicht achten, terwijl er in de Bijbel aan zulke zaken geen woord wordt gewijd. Volgens de Schrift zijn gelovigen "leden van Christus" (1 Korinthe 6:15) of "leden van Zijn lichaam" (Efeze 5:30, 1 Korinthe 12:27) en daardoor "leden van elkaar" (Romeinen 12:5, Efeze 4:25).  Waarbij de Bijbelschrijvers een woord gebruiken dat "ledemaat" of "lichaamsdeel" betekent, en dat niets te maken heeft met lidmaatschap in administratieve zin. Lid van het lichaam van Christus wordt men niet door zich in water te laten dopen (op welke leeftijd dan ook), en ook niet door met bepaalde opvattingen in te stemmen. Lid van het lichaam wordt men doordat men met de geest van God (of de geest van Christus) wordt gedoopt.

"Immers, wij allen zijn door één Geest tot één lichaam gedoopt, hetzij Joden hetzij Grieken, hetzij slaven hetzij vrijen, en ons allen is van één Geest te drinken gegeven"  (1 Korinthe 12:13). "Wie de Heer aanhangt, is één geest [met Hem]" (1 Korinthe 6:17).  "Als iemand de Geest van Christus niet heeft, die behoort Hem niet toe" (Romeinen 8:9)

Wie Jezus als Heer (er)kent heeft Zijn Geest ontvangen (1 Korinthe 12:3). Een heer is voor zijn slaven verantwoordelijk en zorgt voor hen. Volgens de Bijbel is het voor slaven van de hemelse Heer niet noodzakelijk om zich bij een bepaald kerkverband aan te sluiten. Integendeel, voor menselijke organisaties en hun tradities behoren zulke slaven juist op te passen:

"U hebt het woord van God krachteloos gemaakt ter wille van uw overlevering... tevergeefs vereren zij Mij, door leringen te leren die geboden van mensen zijn" (Mattheüs 15:6-9).  "Hoe wendt u zich weer tot de zwakke en arme elementen, die u weer opnieuw wilt dienen? U onderhoudt dagen en maanden, tijden en jaren. Ik ben bang voor u, dat ik misschien tevergeefs aan u heb gearbeid!" (Galaten 4:9-11). "Kijkt u uit, dat er niemand is die u tot prooi maakt door de wijsbegeerte en door ijdel bedrog volgens de overlevering van de mensen, volgens de elementen van de wereld, en niet volgens Christus... Laat dan niemand u oordelen inzake eten en drinken, of op het punt van een feest of nieuwe maan of sabbatten, die een schaduw zijn van wat zou komen, maar het lichaam is van Christus... Waarom onderwerpt u zich alsof u in de wereld leeft, aan inzettingen: raak niet en smaak niet en roer niet aan... naar de geboden en leringen van mensen?" (Kolossenzen 2:8,16-17,20-22).

Vasthouden moet men aan het Hoofd. Uit Hem ontvangt het hele lichaam kracht om te groeien (Kolossenzen 2:19). Wie veel waarde hecht aan menselijke tradities, zal moeite hebben om gelovigen uit verschillende tradities als "leden van elkaar" te beschouwen. Toch is dat hun status volgens de Bijbel (Romeinen 12:5, Efeze 4:25). Wie voor bepaalde geboden en inzettingen ijvert, houdt niet langer vast aan het Hoofd (Kolossenzen 2:19). Het is het een OF het ander. Het gaat om een band met de levende Christus OF het gaat om rustdagen ("sabbatten"), kerkelijke feestdagen  ("feesten ,nieuwe manen"), godsdienstige taboes ("raak niet, smaak niet, roer niet aan") en het handhaven van bepaalde leefregels ("eten en drinken"). Volgens de Bijbel is het ijveren voor menselijke tradities en organisaties onverenigbaar met vasthouden aan het Hoofd.

Waarmee houden wij ons bezig? Met zaken die volgens de traditie van belang zijn of met zaken die God belangrijk vindt? Wie beschouwen wij als lid? Wie ergens ingeschreven staat of wie Jezus als Heer erkent?

Terug naar de startpagina